Spring naar inhoud
Datum
Auteur
Nicolien van der Sar
Leestijd
4 minuten

Gas in de toekomst: hoe gaat ons energieverbruik veranderen?

Wekken we straks al onze energie op met zon en wind? Blijven we aardgas gebruiken? Hoe zit het met groen gas en waterstof? We vroegen het aan Nicolien van der Sar, strategisch adviseur op onze afdeling Strategie, Innovatie en Positionering gas. Zij vertelt over verschillende vormen van hernieuwbare energie en hoe deze in de toekomst met elkaar verbonden zullen zijn in één samenwerkend systeem.

Moleculen blijven belangrijk

Op dit moment is aardgas nog erg belangrijk in Nederland. We gebruiken aardgas niet alleen voor verwarming en warm water, maar ook in de industrie en elektriciteitscentrales. Kunnen we zonder gas? Nicolien: “Nee, energie in de vorm van gassen blijft een belangrijke rol spelen. We streven er wel naar om uiteindelijk zonder aardgas te kunnen. De verwachting is dat in 2050 ongeveer de helft van onze energievraag met stroom, elektronen dus, te beantwoorden is. Voor de andere helft zijn moleculen, zoals groen gas, waterstof en warmte nodig. Het gaat eigenlijk niet om hoe we van aardgas af komen, maar hoe we van CO2-uitstoot af komen. Hernieuwbare gassen zijn een mooie manier om niet-duurzame moleculen te vervangen.”

Groen gas, warmtenetten en waterstof

We gebruiken in Nederland nu nog zo’n 35 tot 40 miljard kuub gas per jaar. Door goed te isoleren en zuiniger met energie om te gaan, kunnen we de benodigde hoeveelheid terugbrengen. Voor de rest zullen er duurzame alternatieven moeten komen. Nicolien: “Van resten, zoals dierlijke mest en takken, kun je groen gas maken. Als je kijkt naar wat we in Nederland zouden kunnen produceren, kom je op maximaal zo’n 2 miljard kuub groen gas in 2030. Warmtenetten (restwarmte en geothermie) zijn nog in ontwikkeling en kunnen niet overal worden toegepast. Duurzame waterstof is daarom echt noodzakelijk voor een CO2-neutrale energievoorziening. In Nederland wordt nu al veel niet-duurzaam waterstof gemaakt uit aardgas. Vang je de CO2 af, dan krijg je duurzame blauwe waterstof. Een andere manier is elektrolyse: je zet water onder stroom, waardoor het water splitst in waterstof en zuurstof. Als je hier groene stroom voor gebruikt, heb je groene waterstof. Zonne- en windenergie kun je op die manier omzetten naar moleculen en direct gebruiken of opslaan en bewaren voor later.”

Energievormen laten samenwerken

Waterstof lijkt een wondermiddel, maar het is niet zo dat één energievorm de hoofdrol zal krijgen. We zullen gebruik moeten maken van alle vormen van energie door ze te laten samenwerken in één systeem. Nicolien: “Het begint met systeemintegratie. Niet alleen kijken naar de vraag naar gas of stroom, maar naar de energievraag. Gasunie heeft samen met elektriciteitsnetbeheerder TenneT een voortrekkersrol genomen in het uitdenken van zo’n nieuw systeem. Welke scenario’s zijn er? Hiernaar kijken we samen met onder andere de regionale netbeheerders. Met proefopstellingen zoals HyStock en projecten zoals North Sea Wind Power Hub en NortH2 laten we zien hoe de toekomst eruit kan zien. Als expert in infrastructuur stelt Gasunie zich nu op als verbindende schakel, maar we moeten er wel samen voor zorgen dat zowel vraag als aanbod groeien. We moeten nu met z’n allen beginnen.”

Samen richting de toekomst

Er is nog veel werk nodig om zo’n verbonden systeem volledig werkend te krijgen. In de tweede helft van de jaren 20 kunnen we een hoofdtransportnet voor waterstof, de zogenaamde waterstofbackbone, klaar hebben in Nederland. Dit is een belangrijke voorwaarde om gas en elektriciteit met elkaar te laten samenwerken. De backbone is bovendien nodig om verschillende sectoren en regio’s met elkaar te verbinden. Nicolien: “Ons energiesysteem over dertig jaar? Het ideaalbeeld is dat we tegen die tijd niet of nauwelijks fossiele energie meer gebruiken. Een gedigitaliseerd systeem zorgt ervoor dat alles perfect samenwerkt. Zo min mogelijk CO2-uitstoot tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten: dat is het perfecte plaatje. En dat dan natuurlijk Europabreed. Want het heeft weinig nut om dit alleen maar in eigen land te doen. We moeten dit samen doen.”